Dorien Beurskens

Stichting Young Africa - Dorien Beurskens


 

Februari/maart 2006

Reizen - geplande tripjes en onverwachte uitnodigingen - maken dat ik veel op stap ben. Mijn leven speelt zich af in drie landen: mijn huidige thuis Zimbabwe, mijn nieuwe land Mozambique, mijn vaderlandse bodem Nederland.

Raj en ik gaan vaak naar Mozambique. We zitten in de fase dat onze aanwezigheid in Beira regelmatig nodig is voor de opbouw van het nieuwe Young Africa project. E-mails en telefoontjes naar Mozambique verdwijnen in een zwart gat en leveren nul resultaat en actie op. Als we er zelf zijn vieren we overwinning na overwinning op de bureaucratie. De medewerking van de gemeente is geweldig. De registratie van Young Africa als non-gouvermentele organisatie is in gang gezet. We hebben een tiental zeer betrokken en geëngageerde mensen bereid gevonden de eerste leden te worden van ' Young Africa Moçambique' .

De bouw van de muur rondom ons terrein had klaar moeten zijn, maar er ligt nog geen baksteen. De aannemer claimt dat het ligt aan de regen, de aardbeving, de gemeente, de blablabla.... Niet aan hem natuurlijk. Een project opzetten in Mozambique heeft soms wat weg heeft van een hinkstapsprong (twee stappen vooruit, eentje achteruit). Maar telkens als we op ' onze' plek zijn en kijken naar de levensomstandigheden van de mensen (hutten, geen elektriciteit, geen stromend water) en het gebrek aan mogelijkheden voor jongeren, voelen we tot in het diepst van onze ziel dat Young Africa in Beira heel hard nodig is en heel veel kan bijdragen aan de opbouw van het land. Hoe dan ook, het zal allemaal sneller gaan als we eenmaal in Beira wonen. We hebben de knoop doorgehakt dat we in juni gaan verhuizen.

Dat kan ook omdat in juni Yvette komt, de adviseur die onze plaats gaat innemen op het YASC (Young Africa Skills Centre) in Chitungwiza, Zimbabwe. Prettig dat ons eerste project, ons eerste geesteskind, in elk geval nog twee jaar wordt ondersteund door een professional-met-het-hart-op-de-juiste-plaats. Een onverwacht maar niet ongewenst reisje was naar Nederland. Plotsklaps werd ik uitgenodigd voor een interview op de televisie voor het RTL4 programma Aperitivo (waar ik vanuit Zimbabwe natuurlijk nog noooooooit van gehoord had). Da' s een buitenkans die ik graag aannam. Publiciteit voor Young Africa is absoluut welkom. Prachtig hoe balletjes kunnen rollen: via Vodafone verscheen er in januari een artikel met foto in Esta.

Dat artikel resulteerde in de uitnodiging voor het interview in Aperitivo. En dit interview heeft binnen twee weken al geleid tot andere geinteresseerde tijdschriften. Dat gaat de goede kant op. Het is een interessante ervaring. Mijn ego doet het niet zoveel, deze publiciteit, al wil ik het wel goed doen, maar mensen laten weten over ons werk vind ik mooi. Mensen inspireren hun eigen dromen waar te maken en bij te dragen aan een betere wereld vind ik ook belangrijk. Ik voel me een megamazzelkont, dankbaar en gelukkig.

Ondertussen gaat Young Africa in Zimbabwe heerlijk z'n gang. Wederom sta ik versteld van de veerkracht van de mensen om me heen. Hoewel de economische situatie nog steeds slechter wordt, is het aantal leerlingen op de verschillende cursussen toch weer toegenomen in vergelijking met vorig jaar. Gelukkig maar. Voor degenen die wel een vak willen leren maar zelfs de euro schoolgeld per maand niet kunnen betalen, hebben we een fonds opgezet. Pijnlijk vind ik wel dat de arbeidsmarkt steeds minder mogelijkheden biedt om onze afgestudeerde leerlingen aan een baan te helpen. Terwijl ik dit stukje zit te schrijven komt Tendai binnenwandelen.

Terwijl ik dit stukje zit te schrijven komt Tendai binnenwandelen. Diploma in kleding maken op zak, gemotiveerd, ijverig, empowered. Op haar vraag of er ergens een baan voor een kleermaker vrij is kan ik alleen maar zeggen dat ik haar niet kan helpen. De kledingindustrie ontslaat alleen maar personeel. Zelfs onze trouwste ' afnemers-van-leerlingen¿ nemen geen mensen meer aan. Een eigen bedrijfje beginnen wordt ook steeds lastiger. Een vergunning krijgen is zowat onmogelijk en zonder vergunning kan de politie spullen zomaar in beslag nemen. Tendai laat haar telefoonnummer achter. Ik beloof, met een dreigend gevoel van wanhoop, haar te bellen zodra er een baantje beschikbaar is.

Ons hostel is vol, tjokvol. Veertig meiden is het hoogste aantal meiden ooit en het absolute maximum dat we aankunnen. In november vorig jaar had ik, samen met de Nederlandse ambassade in Harare, een workshop georganiseerd voor directeuren van kindertehuizen en straatkinderorganisaties. Idee was om die organisaties te stimuleren een toekomstplan te maken voor hun kinderen die te oud zijn voor het tehuis ('n jaar of 16), maar nog niet zelfstandig genoeg zijn om het leven onafhankelijk aan te kunnen. Dat is precies wat wij in het hostel doen: meiden een vak leren in hun eerste jaar bij ons, en in hun tweede jaar helpen geld te verdienen en een zelfstandig bestaan op te bouwen - compleet met potten, pannen, dekens, bed en fornuis om op kamers te wonen.

Resultaat van die workshop was onder andere een overweldigend aantal aanmeldingen voor ons hostel. Daarnaast hebben we altijd nog een bed vrij voor 'noodopvang'. Zo woont Joyce sinds twee weken hier. Ze was door haar broer vanuit Bulawayo, in het zuiden van Zimbabwe, mee naar de hoofdstad Harare genomen. Voor een baan, had hij gezegd. Hij vroeg haar op hem te wachten bij het busstation. Hij kwam nooit meer terug om haar te halen. Daar stond Joyce dan, moederzielverlaten in een onbekende stad. Een ander meisje bood haar aan dat ze met haar meekon naar huis. 's Ochtends bood haar redder in nood Joyce aan om haar in te wijden in de geheimen van overleven op straat: zakkenrollen en prostitutie. Joyce bedankte voor die eer en kwam naar ons YA satellietproject in het township Epworth om te solliciteren naar een baan als wiskundelerares. Een alerte docent aldaar vertelde haar over het hostel en bracht haar naar mij. Ze woont nu in het hostel, doet een opleiding tot boekhouder en geeft bijles in wiskunde.

Elke zaterdagavond breng ik met de hosteldames door en houden we een heuse talkshow. De onderwerpen varieren van vriendschap, liefde, muziek, geld, gezondheid, aids, opkomen voor jezelf. Maar welk thema er ook besproken wordt, op de een of andere manier draait het gesprek altijd uit op kletsen over jongens en sex. Tja, ook al ben je 17, opgegroeid in een weeshuis en straatarm, de prioriteiten van tieners liggen overal ter wereld hetzelfde. De hostelmeiden liggen me enorm aan het hart. Kwetsbaar, wild, sterk, lief en soms heeeel moeilijk. Ik geniet van die zaterdagavonden met 'the girls'. Mijn girls.

Mijn vele reizen deze afgelopen en komende maanden zijn wat langzaam loslaten betreft een voorbereiding op de oversteek naar Mozambique. Mijn hoofd is er klaar voor. Mijn hart heeft nog wat tijd nodig....