Machiel Spuij

Stichting Fairtrade Original


 

Januari 2007

Ndanda, maandag 1 januari

De eerste dag van het nieuwe jaar, tijd om de goede voornemens uit te voeren. Ik rook bijzonder weinig, dus zal ik maar niet meedoen met Piet hier in Ndanda die na 12 uur gestopt is met roken. Ik sluit me aan bij die mensen die gezond willen leven en eerlijke producten willen kopen, en neem me voor om dit jaar fair trade cashew in de winkels in Nederland te krijgen.

Cashew wordt in Tanzania vooral door kleinschalige boeren verbouwd zonder bestrijdingsmiddelen. Dat is al een goede basis voor een eerlijk product. Na de oogst gebeurt er echter nogal wat met de cashewnoten wat minder verantwoord is: tussenhandelaren kopen de noten tegen lage prijzen van de boeren, de noten worden veelal onverwerkt geëxporteerd naar India - waarmee ook de toegevoegde waarde uit Tanzania verdwijnt. En ten slotte heeft de overheid een grote invloed op de cashewhandel, maar profiteert de kleine boer daar weinig van.

Het zal nog wel even duren voor de fair trade cashew uit Tanzania in Nederland is. Voor die mensen die zich hebben voorgenomen om verantwoorde producten te kopen, hoop ik dat ze het langer volhouden dan onze Piet die om kwart over twaalf alweer een sigaretje opstak. Hoe kun je anders met dit vochtige weer en Tanzania-kwaliteit lucifers je vuurwerk afsteken?

Masasi, donderdag 4 januari

Midden jaren 70 werd er jaarlijks 140.000 ton cashew geproduceerd in Tanzania en gaf de Wereldbank een lening aan Tanzania om tien grote cashew verwerkingsfabrieken te bouwen. Deze fabrieken waren klaar in 1980, maar tegen die tijd was de cashewoogst gedecimeerd door een combinatie van gedwongen verhuizingen van de boeren, een lage prijs die de boeren voor hun cashew kregen en een schimmelziekte die de cashewbomen aantastte. De fabriek in Masasi is in 1981 nog wel voor een seizoen geopend, maar is daarna voor ruim 20 jaar gesloten.

In de afgelopen twee jaar ben ik betrokken geweest bij het heropenen van deze cashew fabriek. Vandaag wordt er weer cashew verwerkt en deze dagen kunnen boeren hun cashew aan de fabriek af komen leveren en werken er 500 mensen in de fabriek..

De cashewnoot die we in Nederland eten is de pit van de vrucht. Rond deze pit zit een dikke, taaie schil, waarin een agressieve olie is opgeslagen -de cashew nut shell liquid. Taak aan de cashew verwerkers om de ruwe noot te kraken en de pit er heel uit te krijgen, en dat liefst zonder dat de olie uit de schil spuit en brandwonden op de handen geeft. De standaard methode in India (en tegenwoordig ook op veel andere plaatsen), is om de ruwe noten eerst te stomen en vervolgens een voor een met een handmachientje open te snijden. Door het stomen wordt de pit zacht en flexibel en komende meeste noten heel uit de schil. Tijdens het kraken kan de olie echter nog steeds uit de schil spuiten en brandwonden veroorzaken.

In Masasi worden de noten niet gestoomd, maar gaan ze door een bad met hete cashew nut shell liquid waarbij een deel van de olie uit de schil vrijkomt en een ander deel hard wordt. Na dit hete bad is de schil bros en kan de noot makkelijk gekraakt worden. Nadeel tegenover het stoomproces is dat er meer noten breken tijdens het kraken, maar de voordelen zijn een betere smaak en minder problemen voor de medewerkers met de cashew nut shell liquid.

Dar es Salaam, donderdag 11 januari

Van de ruwe noot weegt het eetbare pitje minder dan 25 procent. De overige 75 procent van het gewicht zijn voor de schil, de cashewnut shell liquid en het vliesje tussen schil en pit. Deze producten zijn niet eetbaar, maar daarmee nog niet waardeloos.

Vandaag ontmoet ik in Dar es Salaam een Nederlander die gespecialiseerd is in duurzame energie en ons kan helpen met het vinden van toepassingen voor de schillen, de cashew nut shell liquid en het cashewafval dat niet voor consumptie verkocht kan worden. We hebben een sample van 20 kilo schillen en 5 liter cashew nut shell liquid naar Nederland gestuurd en zullen na een paar testen zien wat de mogelijkheden zijn om de biomassa om te zetten in biodiesel, ethanol, electriciteit of brandstof briketten.

Gisteren heeft de Tanzania Investment Center ons voorstel voor ondersteuning aan boeren en boerenorganisaties goedgekeurd. Dat betekent in ieder geval op papier steun van de overheid voor onze activiteiten.

Pemba, zaterdag 20 januari

Dit weekend gaan we op bezoek bij een Nederlandse vriend op Pemba, dat samen met het eiland Zanzibar en het vasteland de United Republic of Tanzania vormt. De centrale overheid besteed weinig aandacht aan deze afgelegen regio, en sinds vorig jaar de regeringspartij hier de verkiezingen heeft verloren, gaat er nog minder gemeenschapsgeld naar de ontwikkeling van het eiland. Na de ongeregeldheden bij de verkiezingen hebben ook de meeste buitenlandse organisaties zich teruggetrokken van Pemba. Ondertussen is de rust teruggekeerd op het eiland, en ben ik onder de indruk van de ongereptheid en de schoonheid van Pemba.