Pieter van Eijk

Stichting Wetlands International


 

Maart 2007

Na 4,5 week in zuidoost Azie, heb ik in maart van achter mijn bureau in Wageningen mijn Bio-rights-activiteiten voortgezet. Minder spectaculair dan veldwerk, maar niet minder belangrijk!

Folder

De ontwikkeling van een uitgebreide Bio-rights folder had afgelopen weken de meeste prioriteit. Na vele uurtjes schrijven, schrappen en aanpassen denk ik dat ik er eindelijk in geslaagd ben om het concept en de relevantie voor verschillende sectoren op een eenvoudige wijze uit te leggen. Hopelijk dat deze tekst, samen met sprekende case-beschrijvingen en een hoop foto's er in slaagt om de interesse van partnerorganisaties en donoren te wekken. Nog een paar weken en dan kan de folder gedrukt worden! Vanaf dan is het een kwestie om, met de folder als binnenkomer, op bezoek te gaan bij een bont gezelschap van natuurbeschermers, ontwikkelingswerkers en medewerkers van de financiele en private sector. Ik ben benieuwd of ik ze van de kansen die het mechanisme biedt zal kunnen overtuigen.

Van klimaatverandering naar Bio-rights

Reductie van CO2 uitstoot is het thema van 2007, getuige de film van Al Gore en alle aandacht in de media. Industrieen en particulieren proberen dat te bereiken door efficienter met energie om te gaan, maar ook door hun uitstoot te compenseren door elders emissie-beperkende maatregelen uit te voeren. Een van die maatregelen is de aanplant van bos. Bomen leggen veel CO2 vast in de vorm van levende biomassa. En door bomen aan te planten kan een bedrijf ervoor zorgen dat haar uitstoot elders wordt gecompenseerd. Twee weken geleden ontvingen we een telefoontje van een organisatie die voor dat soort bedrijven bemiddelt. Ze bleken interesse te hebben in de koolstof die vastgelegd wordt door de mangrove bomen die we binnen het Green Coast project aan het planten zijn.

Op het eerste gezicht heeft dat weinig met Bio-rights te maken. Als je echter bedenkt dat 1 ton door bomen vastgelegde CO2 soms wel meer dan 10 euro opbrengt, ontvouwt zich een wereld van mogelijkheden. Als een bedrijf de tienduizenden tonnen CO2 die in onze herbeplantingsprojecten wordt vastgelegd zou kopen, dan kunnen de opbrengsten gebruikt worden in het projectgebied om armoede te bestrijden en de natuur te beschermen. Daarmee wordt het mogelijk om ook gedurende een lange periode een project te implementeren. Een globale partner betaalt de lokale gemeenschap voor de vastlegging van CO2, de lokale bevolking plant bomen en garandeert dat de omgeving op lange termijn beschermd wordt: Bio-rights in optima forma!

Enthousiast geworden door de ongekende mogelijkheden die dit soort initiatieven zouden kunnen bieden heb ik me in het wereldje van de koolstof handel geworpen. Dat valt nog niet mee, want de koolstofmarkt is doorspekt met afkortingen die een beginner doet duizelen. Wel eens van LULUCF, AIJ, CDM EB, ERU's en Designated Operational Entities gehoord? Ik niet, tot voor kort. Gelukkig staan er op internet duizenden artikelen die licht werpen op deze gloednieuwe markt, en langzaamaan begin ik te begrijpen hoe het klimaatverdrag van Kyoto en de daaraan gekoppelde handelsmechanismen in elkaar steken. De komende maanden zal blijken hoe onze Bio-rights herbeplantingsactiviteiten op deze markt aan zouden kunnen sluiten.


 

Dorp in Azië