Als we het over mobiele netwerken hebben, gebruiken we nogal wat technische termen. Hieronder leggen we ze uit voor je.
2G, 3G en 3G+De 'G' in deze termen staat voor generatie. Het getal geeft aan om welke generatie van standaarden en technologie voor mobiele telefoons het gaat. 2G-netwerken zijn langzamer en dus minder geschikt voor dataverkeer, maar wel perfect voor bellen en sms'en. 3G-netwerken (UMTS) gebruiken de allernieuwste technologie waardoor je snel data kunt verzenden en downloaden. 3G+ maakt gebruik van High Speed Download Packet Access (HSDPA, een protocol voor mobiele telefonie) waardoor je 3G-dataverbinding nóg sneller wordt. Als je je binnen een 3G+ dekkingsgebied bevindt en je toestel ondersteunt HSDPA , zie je een 3G+ symbool op je scherm.
DatasnelheidHoe hoger je datasnelheid (gemeten in kilobits of megabits per seconde, zie hieronder), hoe sneller het browsen gaat. Snelheid is afhankelijk van een aantal factoren: de capaciteit van de modem, het abonnement, de signaalsterkte van het netwerk op je locatie en het aantal personen dat het netwerk tegelijk gebruikt.
Bits en bytesEen byte wordt gebruikt om het volume van data aan te duiden, zoals de grootte van een bestand of de beschikbare ruimte op een harde schijf. Bytes worden vaak uitgedrukt in megabyte (MB, miljoen bytes) en gigabyte (GB, miljard bytes). Een byte bestaat uit 8 bits. Datasnelheid wordt vaak uitgedrukt in kilobits per seconde (Kbps) of megabits per seconde (Mbps).
BereikOm je mobiele toestel te kunnen gebruiken, heb je bereik (ook wel dekking) nodig. De sterkte van het bereik wordt meestal met een aantal streepjes weergegeven op het scherm. Hoe meer bereik, hoe meer streepjes er te zien zijn. Onze dekkingskaart toont hoeveel bereik er binnen bepaalde gebieden is.
BasisstationEen basisstation, of (mobiele) zendmast, bevat alle apparatuur voor het ontvangen en verzenden van signalen. De antennes van een basisstation verzorgen het bereik binnen een specifiek geografisch gebied (ook wel cel genoemd). De grootte van cellen hangt af van de vraag binnen dat gebied. In een dunbevolkt gebied kan een cel een doorsnede hebben van 5 kilometer, terwijl dat in een drukke stad slechts 100 meter kan zijn.